De polder als het land van de onbegrensde mogelijkheden

Het is 1891 als ingenieur Cornelis Lely zijn plan maakt voor het afsluiten en droogleggen van de Zuiderzee. Circa 50 jaar later kwamen jonge mannen van heinde en ver naar de bodem van de zee om bij te dragen aan de inpoldering, maar ook om hun kans iets op te mogen bouwen op dit beloofde land te vergroten. Een stuk land, een boerderij, een gezin, een bestaan. Zij gingen dan ook onvermoeibaar door om dat doel te behalen. Niet voor niets werden zij polderpioniers genoemd, want dat is wat pioniers doen, hun weg vinden in een onbetreden gebied.

Om meer te weten te komen over wie de eerste ondernemers in Flevoland precies waren, gingen we in gesprek met Eva Vriend, historicus en schrijver van Het Nieuwe Land. “De IJsselmeerpolders zijn aangelegd omdat er een voedseltekort was rond die tijd. Onder het mom van ‘nooit meer honger’, was het doel van de provincie Flevoland in eerste aanleg om hier zo goed mogelijke boeren neer te zetten. Dus de eerste ondernemers die hier kwamen waren agrariërs. Waarbij gezegd moet worden dat het natuurlijk wel echte ondernemers waren, die agrarische ondernemers. Het waren moderne boeren met ambitie, die graag vooruit wilden en vernieuwend werkten”, aldus Eva Vriend.

Volgens Eva Vriend was het voor die eerste generatie ondernemers typerend dat ze heel rationeel en functioneel waren ingesteld. “Ze hadden natuurlijk een grote stap gemaakt door hiernaartoe te komen, en wilden die belofte inlossen en waarmaken. Ze waren heel efficiënt bezig met de grond die ze toebedeeld hadden gekregen”. Daarnaast waren het ook ondernemers die de innovatie niet schuwden. “Ze waren gericht op vernieuwing, en wilden graag de nieuwste (teelt)technieken gebruiken, de nieuwste machines en rassen. Daar waren ze immers ook op geselecteerd”. Als je als boer iets wilde, dan waren de IJsselmeerpolders voor heel veel mensen het land van de onbegrensde mogelijkheden. Hier was ruimte en hier kon je je ontplooien.