Open innovatie als vliegwiel

“Een groot verschil wat gemaakt wordt of bepalend is in de omslag van hoe ondernemers omgaan met innovatie, van individueel naar collectief, is dat er ook vernieuwing komt bij heel veel bedrijven. We voelen veel meer aan welke problemen er spelen in het land en we kunnen het ook beter bespreekbaar met elkaar maken”, aldus Antijn Koers (Suplacon/Innovatiecluster Noordoostpolder). “We zijn trotse mensen, maar we durven ons kwetsbaar op stellen, onze trots opzij te zetten en meer met elkaar te delen. Ik denk dat we daarin veel makkelijker en beter bruggen kunnen slaan, om de toenadering en samenwerking met elkaar te vinden, omdat de uitdagingen en problemen die in dit land spelen gewoon echt relevant zijn. Uiteindelijk zet je het bedrijfsbelang voorop en ga je bepalen hoe je tot een bepaald doel komt. Kun je dat alleen doen of moet je daar samen een vuist in maken om de groei te faciliteren en versnellen? Ik denk dat het een trend is die steeds meer plaats zal vinden”.

“Ik maak niet zo heel erg veel verschil tussen open en gesloten innovatie. Wat je uiteindelijk ziet in de praktijk is dat open innovatie zichzelf selecteert, want als stad doe je graag zaken met partij X en als overheid doe je graag zaken met partij Y. Dat geldt natuurlijk ook voor ondernemers”, aldus Danny Frietman (Green Innovation Hub). “Uiteindelijk betekent open innovatie ‘wees welkom’, maar op het moment ga je wel trechteren en kiezen met wie je zaken doet. Ik merk dat het vaak heel erg een soort evolutie of doorontwikkeling is van waar je voor staat. Ik denk niet dat je omringt moet zijn met gelijkgestemden, want dan mis je een kritische noot. Zonder wrijving geen glans, dus je hebt soms andersdenkenden nodig om een stap verder te maken”.

“Dat is misschien ook wel sterk in die agrarische wereld of in dit gebied, mensen zijn wat meer gewend om samen te werken met elkaar. Dus als het gaat over innovatie, dan merk je ook wel dat ze bij elkaar een kijkje in de keuken nemen. Of misschien ook wel elkaar helpen om een stap verder te komen of iemand mee te laten denken. Dus dat samen optrekken zie ik wel meer en meer gebeuren, in plaats van dat mensen het wiel alleen aan het uitvinden zijn”, zegt Cor van Veldhuijsen (Agrofoodcluster). “Alleen als het gaat om Research & Development, jouw positie in de markt en de innovatie die daarbij hoort, dan houd je natuurlijk wel af en toe de kaarten voor de borst. Open innovatie zie je denk ik vooral bij startende ondernemers of startups. De grote meer gevestigde spelers hebben al zo’n trackrecord en eigen klantenkring, dat ze die R&D voor een groot deel voor zichzelf houden. Ook voor hen is het met open innovatie interessant om te zien wat er op hen afkomt. Vanuit het Agrofoodcluster willen we dat ook stimuleren, dat mensen wellicht ook van andere sectoren kunnen leren”.

“Soms moet je producten beschermen, maar je ziet soms in open innovatie, ontwikkeling en samenwerking hele mooie producten ontstaan. Ik denk dat in een wereld waarin AI een steeds belangrijkere rol speelt en er steeds meer te vinden is op internet, het lastiger wordt om zaken te beschermen. Je zult na moeten gaan denken wat je echt moet beschermen, en dat ook zeker doen, en wat je straks toch met elkaar toegankelijk gaat hebben. Het gaat allemaal zo hard met digitalisering, AI en toegang tot alle informatie. Als je je dat realiseert, dan denk ik dat juist die open samenwerking enorm kan helpen om juist innovaties te versnellen”, zegt wethouder Maaike Veeningen (Gemeente Almere).

“Ik heb vrij lang in het innovatiedomein gewerkt. Waar wij denk ik goed in zijn op publiek-privaat gebied is het pre-concurrentiële deel. Daar werkt open innovatie natuurlijk heel goed. Dat is vaak de basis die je met elkaar nodig hebt om op bepaalde gebieden met elkaar verder te komen. Op het moment dat je dan in de volgende fase komt begrijp ik dat bedrijven het toch verstandiger vinden om het nu even zelf verder te ontwikkelen”, aldus Annette Wijering (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland). “Maar ik denk dat je wereldwijd juist wel ziet dat als je naar de vraagstukken kijkt, dan heb je het eigenlijk over een hele keten die je op orde moet maken. Ik denk dat samenwerking in die ketens met het type uitdagingen en transities dat wij nu hebben eerder belangrijker wordt. Natuurlijk is open innovatie wat risicovol, maar je kunt wel kijken tot welke fase je dat met elkaar kunt doen. Als het echt gaat om positioneren en inspelen op die transities, dan helpt het juist dat wij sterk zijn en dat privaat-publiek gezamenlijk doen. Hopelijk gaan dan het hoger belang en jouw eigen belang hand in hand. De innovatie komt wel ten goede aan het geheel, want je wilt bijvoorbeeld dat een hele sector duurzamer wordt, maar doordat jij meedeed heb jij wel een aantal jaren voorsprong. Dus het mes snijdt aan beide kanten”.